Stichting Behoud Rietdal Noordhorn

Geschiedenis

 


Fragment functiekaart 2030 Provinciaal Omgevingsplan 2030
Het dorp Noordhorn ligt, samen met het dorp Zuidhorn, op een keileemrug. Deze rug is een hoger gedeelte van een uitloper van het Drents Plateau. De richting van deze uitloper is nnw–zzo en komt overeen met de stromingsriching van het landijs, dat aan het eind van de voorlaatste ijstijd, het Saalien, ongeveer 150000 jaar geleden over Noord-Nederland schoof en het grondoppervlak vormde. Daarom is de rug van Noordhorn en Zuidhorn evenwijdig aan de Hondsrug, die vanaf Emmen tot aan de stad Groningen loopt, waar hij ongeveer bij de Noorderbegraafplaats eindigt.

(De afbeelding is een fragment uit de perspectiefkaart 2030 van het Provinciaal Omgevingsplan van de provincie Groningen)

Bij het beschrijven van het landschap rond Noordhorn starten we aan de westzijde van het dorp, nadat we het bedrijventerrein achter ons gelaten hebben. De eerste bezienswaardigheid is dan de oude kleiweg, het begin van de verbindingsweg met Friesland. Hij draait vanaf de Langestraat naast de oude herberg De Gouden Leeuw het land in, steekt vervolgens na ongeveer 250 meter de Rijksstraatweg over, loopt daarna nog ongeveer 700 meter naar het westen door en komt dan met een haakse bocht bij de boerderij Norrits weer op de Rijksstraatweg uit.

Norrits of Norris (1547 – 1597) was de aanvoerder van een Engels regiment in Staatse dienst. In 1581 nam hij, tijdens een veldtocht vanuit het westen, eerst Munnikezijl in en versloeg daarna bij Grijpskerk de Spaanse troepen onder leiding van de Staatse overloper Rennenberg. Vervolgens werd hij op 30 september bij Noordhorn verslagen door de Spaanse stadhouder Verdugo. De streek ten westen van Noordhorn en ten noorden van de Rijksstraatweg heet nog altijd het Norritsveld.

Ook de zee heeft een belangrijke rol gespeeld bij de vorming van het landschap rond Noordhorn. Dat blijkt uit de naam van het eerstvolgende huis na "Norrits". Dat huis heet namelijk de Kolk en het dankt zijn naam aan een diepe kolk, het Ipengat, die omstreeks 1548 ontstond na een stormvloed, die in de dijk tussen Noordhorn en Niezijl een enorme bres sloeg.

De oudste zeedijk tussen "de Kolk"en Niezijl heet de Okswerdstreek of Oxwerdstreek. Dat deze dijk ouder is dan de dijk, die op de plaats van de huidige Rijksstraatweg ligt, blijkt uit het feit dat de boerderijen in dit gebied op of vlakbij het dijkrestant liggen.
De ‘sloot’naast "de Kolk"heet het Stille Diep en was een onderdeel van het Hoendiep. Vlakbij het Stille Diep lag in het begin van de 15e eeuw de Oxwerderzijl. Deze sluis was toen zeer belangrijk en werd daarom bewaakt door een slot of blokhuis, waarvan de restanten nog in het terrein zichtbaar zijn. De sluis werd dan ook wel de Sloterzijl genoemd.


oude rechterlijke indeling
De zeearm, waarvan hierboven al sprake was, is ontstaan in de vroege middeleeuwen. In die tijd werd het landschap rond Noordhorn bepaald door uitgestrekte kwelders. Elders waren deze kwelders al eeuwen lang in gebruik door wierdenbewoners. De rug van Noordhorn en Zuidhorn, echter, was tussen 1250 en 650 vóór Christus geïsoleerd geraakt en werd door moerassen omgeven. In de 7e en 8e eeuw na Christus breidde de Lauwerszee zich uit en werden tijdens een watersnoodramp grote stukken land vanuit de monding van het riviertje de Lauwers weggeslagen. Vooral in zuidoostelijke richting ontstonden brede inhammen, die het wierdenlandschap een "Zeeuws"aanzien gaven, met eilanden en schiereilanden. De stevigheid van de keileem voorkwam dat de rug van Noordhorn en Zuidhorn werd aangetast. De rug fungeerde daarbij als een natuurlijke dijk. Er ontwikkelde zich een arm van de Lauwerszee. Deze zeearm boog om de noordzijde van de rug, Noorderburen, heen, liep er oostelijk langs en boog aan de zuidzijde ervan weer naar het westen terug. De Oude Riet is het restant van deze zeearm en is ten zuidwesten van Zuidhorn tot ongeveer de huidige weg Boerakker-Sebaldeburen in het terrein na te speuren.

Ten noorden van de Oude Riet ligt het Humsterland, een voormalig kweldereiland. In de 13e eeuw werd het Humsterland bedijkt. Vanaf het Niehoofsterdiep wordt de zuidelijke dijk van het Humsterland tot Balmahuizen gevormd door de Oude Dijk. Vervolgens naar het noordoosten door de Balmahuisterweg, daarna langs Frytum door het oostelijke gedeelte van de Frytumerweg en tenslotte door de Jensemaweg.


stafkaart 1991
Het Oude Rietdal wordt aan de oostkant begrensd door de Spanjaardsdijk. Deze dijk, vermoedelijk genoemd naar een familie Spanjer, is waarschijnlijk in de 13e eeuw aangelegd om het gebied rond Den Ham en de Hamsterborg te beschermen. De zeearm werd successievelijk afgedamd. In het gebied rond Noordhorn moeten daarbij genoemd worden de dam uit 1453 bij de boerderij Minkeweer en de voormalige Jensemaborg en die uit 1457 vanaf "de Kolk" naar Balmahuizen.

Te Frytum stond vroeger een borg of steenhuis. Het Fritemahuis wordt al in 1453 genoemd in een dijkbrief. Van de gracht en de borgstee is alleen nog een laagte over. De Hamsterborg wordt ook wel Piloers(e)ma genoemd. Deze naam komt het eerst voor in 1521. Het borgterrein is nog intact. De borg zelf is het voorhuis van een boerderij. Overigens is Piloersma waarschijnlijk een verschrijving van Bloorsma. De Jensemaborg is waarschijnlijk de belangrijkste borg geweest van Humsterland omdat het geslacht Jensema in dit gebied het belangrijkste geslacht was. Als eerste wordt vermeld in1453 de hoofdeling Syado Jensema. Van binnengracht en borgstee is alleen nog een laagte over.

Ten oosten van het Humsterland, vroeger gescheiden door een andere zeearm, de Kliefsloot, ligt het voormalig kweldereiland Middag. Beide voormalige eilanden onderscheiden zich door de zo karisteristieke blokverkaveling. Daarbij zijn veel sloten nog de restanten van de oude prielen en slenken van vóór de bedijking. Onder andere daarom werd in 1995 het gebied Middag-Humsterland voorgedragen voor de werelderfgoedlijst van de UNESCO en werd in 2004 in de nota Ruimte van het ministerie van VROM voorgesteld om het de status van "nationaal landschap" te geven.




Het Oude Rietdal daarentegen heeft over het algemeen een rechthoekige verkaveling, kenmerkend voor de uiterwaarden van een rivier. Daarom is het Oude Rietdal veel minder uitzonderlijk dan het Middag-Humsterland. Op de onderstaande foto is het verschil te zien. Hierop zijn -van onder naar boven- zichtbaar: een klein deel van het (convenantsgebied) Middag-Humsterland, in het midden van de foto begrensd door de Spanjaardsdijk. Daarboven Het Rietdal en Noordhorn.

wegwijzer in het dorp






Van onder naar boven een klein deel convenantsgebied Middag-Humsterland,  Rietdal en Noordhorn

Het Rietdalgebied moet zeer zeker onderdeel gaan uitmaken van het nationale landschap Middag-Humsterland. Al was het alleen maar omdat de Oude Riet en de rug van Noordhorn onderdeel uitmaken van de ontstaansgeschiedenis van het Humsterland.


Auteur: Dirk Ferwerda

Voor dit artikel is gebruik gemaakt van het artikel:
J. J. Delvigne: Het nationaal landschap Middag-Humsterland en de keileemrug Noordhorn-Zuidhorn; Ezinge,18 juni 2004

Aanbevelingen:
W. J. Formsma e.a.: De Ommelander borgen en steenhuizen; Van Gorcum Assen/Maastricht, 1987
Diverse auteurs: Geschiedenis van Zuidhorn; Profiel Bedum,1986
W. de Vries: Groninger Plaatsnamen; Wolters Groningen/Batavia, 1946